Boy & Erik Stappaerts ( Antwerp 1969 )
Color studies in studio,2013
Two color photographs
each 485 x 280 mm
Each signed
 
From the work of Boy & Erik Stappaerts it is readily apparent that color and light are the primary drivers of abstract art. And also ‘the basis of a research which serves with its pure structural values, not only as a measuring rod for a new “esthetics”, but in their functional values for a desirable new social order.’ (Moholy-Nagy, Vision in Motion, 1947) With his Pentagronium project, Stappaerts seems to extend the tradition of artists who wished to launch a universal style. The most visible aspect of that project are the
Conflict Paintings, which with their rhythm of horizontal bands lean towards the strict visual language of minimal art. But any kinship is at the same time put into perspective by the non-artistic colors that evoke an atmosphere of indulgent hedonistic weekends without end. Fragments of a flashy disco-world, propelled forward by a drum machine. Stappaerts is no heir to the orthodox painters who with their ‘pure imaging’ wanted to bring rest and harmony to an ‘irrational’ world. The secret of the Conflict Paintings is the precise dosage of references: a color palette that one associates with hip adverts or pop-up projects, the horizontal strips that seem to be snipped from an endless band, and of a format that is just too long for a seascape. The final effect is ambiguous, because the viewer who hopes to repress permanent fears with still more powerful images, realizes that these are mirages. – In releasing these preliminary studies – photographs of the floor of his studio – Stappaerts reveals much about his working method. At first sight no-one associates this bright green lava crust with his work; seemingly, the real rectilinear Stappaerts has taken a sideward’s step, amusing himself with an expressive image trouvée. Nothing is further from the truth – it has to do with an obsessive gesture. Stappaerts gives us a color-sample card of the entire world, and even of a floor that is well beyond cleaning. He well understands that color not only has more impact than form, but also that centuries of culture have contributed to it and that it has exercised a symbolic effect. He leaves suspended the question as to which aspects he gives priority. In this perspective, these brutally illuminated images in cold green create more doubt than certainty, they approach the point of pure detachment where the subject has gone up in smoke. – From a recent text, the artist himself says: ‘For a while now we find ourselves in a pivotal time where all sorts of artisanal and analogue objects are evolving within a digital visual culture. I see my work as a monument to this pivotal period.’
Literature:
Ronny Van de Velde, The Mind of the Artist, Knokke, 2013, cat.nr.114
 
Artist Biography:
De Conflict Paintings en Research Drawings for Databank maken deel uit van het Pentagronium van Boy & Erik Stappaerts. Dit is een virtuele werkplek en archief waar artisanale installaties vereeuwigd worden en waar de inhoud en zijn objecten niet enkel door B&E maar ook door externe toeschouwers gebruikt kunnen worden.
Zijn oeuvre richt zich op het onderzoek van verschillende sociologische identiteiten en entiteiten die hij vertaalt in hoofdstukken (Romantic, Dramatic en Relative), labels (Conceptual Spaces, Embracement, The Panic Zone) en backgrounds (Conflict Paintings, Structures). Hierin worden het individu en de verschillende relaties die een invloed hebben op zijn dagelijkse emotionele verkeer centraal gesteld en geanalyseerd. Een duidelijke voorkeur voor allegorie, symboliek en anekdotiek boven klassieke narratologie manifesteert zich.
De computersoftware wordt gebruikt als slijper om op die manier de ‘technische’ tekening (persoonlijke ontleding) van nog dichterbij te bekijken en te dissecteren.
Structurele elementen van zijn plastische schetsen (Research Drawings for Databank) worden vectorieel omgezet in een wiskundige taal om zo een parallel leven te leiden in de virtuele ruimte. De artisanale handeling wordt doorgetekend in een concrete label/communicatietaal. Anekdotes uit het leven worden vertaald naar een structurele tijd. Op deze wijze gaat er niets van de beeldtaal verloren, de informatie wordt gecomprimeerd, kan naar verschillende richtingen verstuurd worden en opnieuw in de fysieke wereld ingezet worden als gebruiksvoorwerp, een tof pak voor vader en zoon, een speeltapijt, een familietafel, een gevelstuk als blijk van integratie,… . De reproductietechniek vermenigvuldigt het kunstwerk en zo ontstaat naast het unieke bestaan van het kunstwerk, het seriële. Waar Walter Benjamin in zijn essay ‘Het kunstwerk in het tijdperk van zijn technische reproduceerbaarheid’ spreekt over de teloorgang van het ‘aura’ door reproductie, ziet B&E deze afbreuk van het icoon van het fysieke werk als groei en benadering van een ideeënwereld.
De gebruiker kan zich onderdompelen in een sociale en artistieke omgeving. Daar consumeert hij in de virtuele wereld van het Pentagronium door pick and choose. Hij krijgt bouwstenen aangeboden voor de personalisatie van zijn individu en hij vormt zich eclectisch. De artistieke objecten, structuren en backgrounds zijn belangrijk voor de intellectuele stimulus maar worden tegelijkertijd ook gebruiksvoorwerp. Grenzen worden afgetast, een grenswachter is er niet. Men wordt er aangespoord tot non conformisme en vrije wil.
De gebruiker kiest structuren en labels die zijn eigen emotionele wereld ondersteunen en vertegenwoordigen. B&E dient aan, U kiest en stelt samen, gedachten worden beelden, een ambitieuze sociale interactie, mooi, zuiver en seductief, we worden bevriend, misschien zelfs verliefd.
We bevinden ons sinds enige tijd in een kantelbeweging waar allerlei artisanale en analoge objecten verder evolueren in een digitale beeldcultuur. B&E ziet zijn werk als een monument van deze kantelperiode.
De Conflict Paintings die behalve hun fysieke verschijning ook virtueel als onder andere background ingezet kunnen worden, vertegenwoordigen een organisatievorm, een onafzienbaar veld van verwante voorstellingen gesymboliseerd. Kleuren krijgen een zedelijke beoordeling, ze zijn eventueel onschuldig, bescheiden en teder of wreed, harteloos en jaloers. Boy & Erik Stappaerts bekijkt, doorgrondt en vertaalt sociale verhoudingen op Bourdieuze wijze.. Velden worden gekleurd, nevenschikkend en ondergeschikt, in degradées en complementair, in opposities en coalitie.
Het beeld laat ons niet met rust. Nachtblauw bij een nieuw graf, fluo’s aan de wieg, een onverzoende zucht naar God, knalrood geslopen, fluisteren in passie tot geel leedvermaak, een zacht zwart gapend gat, roze moslim meisjes op drift, Pachelbel canont appelblauwzeegroen, Marx eet graag snoep. De toeschouwer wordt aangezogen in een kleurendimensie en tast zo zijn innerlijke, soms vanzelfsprekende, maar meestal minder voor de hand liggende wereld(beeld) af.
Door de industriële afwerking en gepolijstheid verwordt het werk een spiegel waarmee men kan verdwalen in associatie. Boy &Erik Stappaerts streeft naar een hoogst persoonlijke uitdrukking van het individu en een situatie waar conversatie plaatsvindt. Hij wil ons een les geven, uitdagen en oefenen in rust en kalmte. Het conflict is het begin van een rijpings- en begrijpingsproces.

“Each time the mind applies its concepts to the world, the concept is revealed to be only partly true, within a certain context; thus the mind continually revises these incomplete concepts so as to reflect a fuller reality (commonly known as the process of thesis, antithesis, and synthesis). The individual comes to rise above his or her own particular viewpoint, and grasp's that he or she is a part of a greater whole insofar as he or she is bound to family, a social context, and/or a political order” Hegel
 

Color studies in studio,2013